Nu ook NCP erkend Installatiebedrijf Brandmeldinstallaties NCP:2314

Brandmeld- en ontruimingsinstallaties

                                                             NCP:2314

De meeste dodelijke slachtoffers bij brand vallen niet door de hitte maar door rook. Rook belemmert het zicht bij ontvluchting. Rook is in het algemeen ook zeer giftig. Denk hierbij aan het vrijkomen van koolmonoxide. Koolmonoxide wordt 300 maal sneller door het bloed opgenomen dan zuurstof, waardoor bij inademing het fatale gevolgen kan hebben. Het verspreiden van rook gaat zeer snel. Het is hierom van groot belang om een vroegtijdige melding van brand of een op brand gelijkend verschijnsel te krijgen.

Brandmeldinstallatie 

Een brandmeldinstallatie kan hierbij een belangrijke rol spelen, omdat deze in staat moet zijn om een brand in een vroeg stadium te ontdekken. Bij een brandmeldinstallatie treedt de signalering in werking op het moment dat nog niet veel rook is ontstaan en de verspreiding nog beperkt is. De normen waaraan een brandmeldinstallatie moet voldoen zijn vastgelegd in de norm NEN 2535.
Een brandmeldinstallatie in een gebouw heeft tot doel het begin van brand in een vroeg stadium te signaleren, zodat de bestrijding ervan tijdig kan plaatsvinden en maatregelen kunnen worden getroffen om mens, inventaris, gebouw en milieu veilig te stellen.
Het alarm van de brandmeldinstallatie heeft tot doel het waarschuwen van betrokken brandbestrijdingsorganisaties (intern of extern) en de bedrijfshulpverlening. Zij kunnen dan de ontruiming van het gebouw in werking stellen. Bovendien is het mogelijk dat de brandmeldinstallatie een automatische blusinstallatie aanstuurt.

Ontruimingsinstallatie

De regelgeving rond een ontruimingsinstallatie is vastgelegd in de norm NEN 2575 en is bedoeld om aan te sluiten bij de norm NEN2535 (brandmeldinstallaties) en heeft als primaire doel het beschermen van mensenlevens. Er moeten in een gebouw afdoende maatregelen getroffen worden zodat iedereen bij een calamiteit veilig het gebouw kan verlaten.  Een ontruimingsinstallatie bestaat ten minste uit een gecertificeerde centrale met noodvoeding, een aantal handmelders en alarmgevers met “slow-whoop”signaal. Een ontruimingsinstallatie wordt niet automatisch maar door middel van handmelders in werking gesteld.
De combinatie van brandmeldinstallatie, ontruimingsinstallatie en noodverlichtingsinstallatie geeft u de zekerheid dat u er alles aan gedaan hebt om de veiligheid van alle aanwezigen in uw gebouw, in geval van calamiteiten, te waarborgen

PVE (Programma van Eisen)

De omvang van de brandmeldinstallatie en/of ontruimingsinstallatie is afhankelijk van het type gebouw en de gebruiksfunctie en wordt veelal verplicht gesteld door een zogenaamde eisende partij. Dit kan zijn de lokale gemeente, die zijn eisen heeft vastgelegd in de plaatselijk gemeentelijke verordeningen, of diens gemachtigde de brandweer. Ook uw verzekering kan een eisende partij zijn. De omvang van een brandmeldinstallatie en/of ontruiminginstallatie dient tijdens het ontwerp van de installatie te worden vastgelegd. Dit gebeurd in de PvE (programma van eisen). In het programma van eisen worden alle uitgangspunten van de installatie vastgelegd en het programma van eisen dient te allen tijde aan de eisende partij ter goedkeuring worden voorgelegd.